EBITDA en de beperking van interestaftrek voor de accountant
Als accountant is het jouw taak om je cliënten zo optimaal en correct mogelijk te begeleiden. Maar hoe goed ben jij voorbereid op de fiscale en boekhoudkundige impact van de interestaftrekbeperking? De EBITDA-interestaftrekbeperking is een complex en vaak onderschat luik van de vennootschapsbelasting.
In deze e-learning krijg je een helder overzicht van het internationale kader en de Belgische implementatie van de interestaftrekbeperking. Je verdiept je in de algemene principes, inclusief de relatie met de klassieke ‘5/1 thin cap’-regeling.
Verder krijg je inzicht in het financieringskostensurplus (FKS), uitzonderingen op het fiscale interestbegrip en gelijkwaardige kosten. Je ontdekt hoe de interestaftrekcapaciteit wordt berekend aan de hand van de 30%-regel of de minimumbasis van drie miljoen euro, en hoe het niet-aftrekbare surplus kan worden overgedragen.
Bovendien gaan we dieper in op het boekhoudkundige luik, met aandacht voor het CBN-advies en de praktische verwerking van overdrachten.
Tot slot krijg je een concrete toepassing binnen een groepscontext, zodat je de regels correct en efficiënt kunt vertalen naar de praktijk van je klanten.
1. Kader
1.1. Internationaal kader
2. Belgische implementatie
2.1. Implementatie en wijzigingen
3. Algemene principes
3.1. Inleiding
3.2. In de groepscontext
3.3. De verhouding met de '5/1 thin cap'-regeling
4. Personeel toepassingsgebied
4.1. Inleiding
4.2. Groepscontext
4.2.1. Bijzonderheden
4.2.2. Consolidatie
4.2.3. Verbondenheid tijdens het hele belastbare tijdperk
4.3. Uitgesloten belastingplichtigen
5. Bouwstenen
5.1. Inleiding
5.2. Het financieringskostensurplus (FKS)
5.2.1. In de groepscontext
5.2.2. Met welke financieringskostensurplussen (FKS) en opbrengsten moeten we rekening houden?
5.2.3. Het fiscaal interestbegrip: enkele bijzonderheden
5.2.4. Kosten en opbrengsten die gelijkwaardig zijn aan interesten
5.2.5. Kosten die niet aftrekbaar zijn op basis van een andere bepaling in het WIB
5.2.6. Interesten of gelijkwaardige kosten/opbrengsten op leningen afgesloten vóór 17 juni 2016
5.2.7. Een vereenvoudigde schematische voorstelling
5.3. Interestaftrekcapaciteit
5.3.1. De 30% fiscale EBITDA
5.3.2. De minimumgrens van 3 miljoen euro
5.4. De overdracht van het niet-aftrekbaar financieringskostensurplus
6. Boekhoudkundige verwerking
6.1. Het CBN-advies van 2020/06
6.1.1. De overdracht van het niet-aftrekbaar FKS
6.1.2. De overdracht van interestaftrekcapaciteit
7. Concrete toepassing in een groepscontext
7.1. Praktisch: methodiek
7.2. Praktisch: de aangifte
7.3. Concrete toepassing: voorbeeld




